Marc Beets: “Investeringen en aanwervingen verankeren DAF in Westerlo”

Marc Beets DAF DSC_1295_1

Het loopt vlot en steeds beter bij truckfabrikant DAF. Het productievolume en aantal aanwervingen loopt bij DAF veel sterker op dan verwacht. Vanaf 1 juni lopen er 174 trucks in Eindhoven van de band. DAF Westerlo mag dan meer assen produceren, en dagelijks 34 meer vrachtwagencabines dan begin 2015. In totaal werft DAF 400 extra medewerkers aan.

Fabrieksdirecteur DAF Trucks Vlaanderen Marc Beets kijkt dan ook vol vertrouwen naar de toekomst, in dit interview voor BeAutomotive. Zo kreeg de fabriek in Westerlo ook de bevestiging dat ze de nieuwe lakstraat kunnen bouwen, goed voor in totaal 100 miljoen euro. De afgelopen drie jaar kon Marc Beets al 120 miljoen euro investeren.

Dankzij de 220 miljoen aan investeringen over 5 jaar verankert de DAF-fabriek zich stevig in Westerlo. Waarom investeren jullie nu zo sterk?

Marc Beets, fabrieksdirecteur DAF Trucks Vlaanderen: “We hebben de afgelopen 3 jaar 120 miljoen euro geïnvesteerd in de navenlijn, productievernieuwing van de lasomgeving, tools om assen te monteren, transporttreintjes die de cabines van de ene naar volgende werkpost transporteren en het ombouwen van de trimming, wat de afdeling is waar de vrachtwagencabines worden aangekleed.

Investeringen zijn noodzakelijk om voortdurend verder te verbeteren. Want dat is ons motto. Morgen moet het beter dan vandaag, willen wij ons toonaangevende positie op de Europese truckmarkt behouden, nee, verder uitbouwen. Om je kwaliteit steeds verder te verbeteren, moet je investeren in de meest moderne productiemiddelen, die je tevens in staat stellen bijvoorbeeld werkomstandigheden voor de medewerkers verder te verhogen en milieubelasting te verlagen.

Het is geen kwestie of we investeren. De vraag is altijd wanneer en waarin? DAF wil in Europa naar een marktaandeel van 20 procent in de klasse van zware trucks. Zeker als de markt de komende jaren gaat aantrekken, zijn hogere productievolumes nodig. Ook om die reden wordt er doorlopend geïnvesteerd.”

Wat betekent de 100 miljoen investering in de lakstraat voor DAF Westerlo?

Marc Beets: “De huidige lakstraat heeft 30 jaar achter de rug. Met de nieuwe kunnen we ook 30 jaar verder. Ze zal technologisch ver boven de huidige staan, state-of-the-art zijn met nog betere kwaliteit van lak, milieuvriendelijker en met de helft grotere capaciteit. Begin 2017 kunnen we de eerste cabine lakken. Dit betekent een nog betere verankering in de Kempen.

We bouwen hier vrachtwagencabines sinds 1966. De assenfabriek is in 1971 overgekomen uit Eindhoven. Dit omdat er hier personeel was te vinden. In Eindhoven hadden ze het moeilijk met Philips die gelijkaardige werkkrachten rekruteerde.”

Jullie hebben een ambitieus doel. DAF wil een marktaandeel van 20 procent in Europa. Hoe gaan jullie dit realiseren?

Marc Beets: “In België hebben we al 20 procent marktaandeel. In heel Europa zitten we op dit moment rond 15 tot 16 procent. De komende jaren willen we elk jaar met 0,5 tot 1 procent groeien door een heel goed product dat efficiëntie combineert met de ruimte voor chauffeurs en lage onderhoudskosten. Daarnaast bieden we een aantrekkelijk totaalpakket van lease, onderhoudscontracten en de beste onderdelenvoorziening op de markt. Hiermee denken we dat we sterker staan dan de concurrentie.

Ook chauffeurs en klanten beamen dit. De chauffeurs zijn geen onbelangrijke partij. Ze dreigen soms weg te gaan wanneer hun werkgever niet de vrachtwagen van hun keuze wil aankopen. Ze vinden toch snel ander werk. De werkgevers daarentegen hebben het moeilijk chauffeurs te vinden en aan zich te binden.”

Hoe zal Westerlo meegroeien?

Marc Beets: “De markt voor trucks schommelt in Europa dit jaar tussen 200.000 en 240.000 eenheden. Als hier een volumestijging plaatsvindt en een groter deel van de koek naar ons gaat, groeien we mee. Dat zorgt voor meer tewerkstelling, en meer tijdelijke mensen die na 2 jaar een vast contract krijgen. We streven met onze investeringen uiteraard ook naar het verder verhogen van de efficiency, maar het mag duidelijk zijn: hoe meer trucks er in Eindhoven van de band komen, hoe meer assen en cabines er in Westerlo geproduceerd moeten worden.

Dat is altijd goed voor de werkgelegenheid, niet alleen direct bij DAF Vlaanderen zelf, maar ook bij de vele leveranciers die we hier in de regio hebben. Vanwege de aantrekkende economie en het feit dat onze trucks het zo goed doen, hebben we dit jaar al twee productieverhogingen aangekondigd. Per 1 juni produceert DAF 174 trucks per dag. Voor Westerlo betekent dat toch al snel zo’n 100 extra banen.

Hier werken 2000 mensen, waarvan slechts 20 met een tijdelijk contract. Jaarlijks hebben we 130 miljoen euro aan loonkosten. Wanneer de regering de loonkosten met 1 procent zou verlagen, dan kunnen we de kostprijs van onze producten onder controle houden, wat op de langere termijn de tewerkstelling ten goede komt.”

Jullie liggen op 60km van Ford Genk en werven aan. Trekken jullie ex-medewerkers van Ford aan?

Marc Beets: “Wij zoeken op dit moment samen met Eindhoven naar 400 nieuwe mensen. Hiervoor kijken we inderdaad ook naar Ford Genk. Het lukt ons om bedienden ervan aan te werven. Maar arbeiders komen niet naar ons omwille van de afstand. Ze zijn minder geneigd om 60km voor het werk te pendelen. We zouden ze nochtans graag inzetten omwille van hun automotive-ervaring en hun feeling met het product. Dit hebben we ook met Opel-mensen in het verleden gedaan.

Toch is medewerkers vinden nooit een probleem voor ons. We hebben de reputatie dat we een stabiele werkomgeving zijn. Eens je vast bent, heb je 99 procent zekerheid dat je je loopbaan hier kunt beëindigen. Wel schuift de pensioenleeftijd op. Dat is onze grote HR-uitdaging. Gingen onze mensen vroeger gemiddeld op 55 jaar met pensioen, dan vertrekken ze nu rond 59 jaar. Mensen blijven nu, ook al kunnen ze met pensioen. Dit omdat de wetgeving en het klimaat helemaal gekeerd zijn rond deze vervroegde uitstapregelingen.”

Zijn de huidige trucks gecreëerd volgens de Euro6-normen?

Marc Beets: “Ja, maar dat moet ook wel. Sinds 1 januari 2014 is die Euro 6 de wettelijk verplichte emissienorm. Daarvoor heeft DAF overigens wel een compleet nieuwe reeks trucks ontwikkeld, waarvoor ingrijpende vernieuwingen in de productie zijn doorgevoerd, ook hier in Westerlo. Euro 6 stond voor het grootste ontwikkelingsproject in de historie van onze onderneming en meteen ook voor het grootste qua investeringen. In totaal was er ruim 1 miljard euro mee gemoeid. Het resultaat is – zoals gezegd – een compleet nieuwe generatie trucks met nieuwe chassis, nieuwe motoren, nieuwe interieurs en een nieuw design.

Wat de nieuwe trucks kosten? Ach, feitelijk is dat voor onze klanten niet het allerbelangrijkste. Het gaat erom wat ze per kilometer opleveren! Maximale betrouwbaarheid, maar één keer in de 150.000 kilometer of één keer per jaar naar de werkplaats. Dat is wat telt! Naast een laag brandstofverbruik natuurlijk.”

Ook wetgeving zorgt voor dalend verbruik. Kan DAF volgen?

Marc Beets: “Nieuwe wetgeving betekent niet automatisch een lager brandstofverbruik. Integendeel! Het is een geweldige prestatie dat we met de introductie van Euro 6 het gunstige verbruik van onze Euro 5-voertuigen hebben weten vast te houden, door toepassing van nieuwe motortechnologieën en slimme regelingen voor de nabehandeling van uitlaatgassen bijvoorbeeld. En we hebben bovendien de grootste stap in onze geschiedenis gezet met de introductie van de Predictive Cruise Control dit jaar.

Deze gps speelt in op de rijomgeving zodat de vrachtwagen weet dat er een berg nadert en hij precies op het juiste moment gas terugneemt omdat de techniek weet dat de kinetische energie de combinatie over de top zal duwen. Ook bij de afdaling wordt automatisch gas teruggenomen. Hierdoor daalt het verbruik gevoelig. In totaal is onze nieuwste generatie voertuigen nog eens 5 procent zuiniger geworden.

We komen van 34,5 liter per 100 km op ons testparcours in 2002, tot 30 liter vandaag. Ten opzichte van 2014 verbruiken onze nieuwste modellen 1,5 liter minder op hetzelfde testtraject tussen Antwerpen, de Ardennen en Nederland. Evolueren we naar nul? Ongetwijfeld niet, maar dalen kan nog.

Ook vakbladen erkennen DAF voor zijn prestaties. Bij vergelijkend onderzoek positioneren ze ons steeds in de top-3. Ze loven het lage brandstofverbruik en lage onderhoudskosten. Verder krijgen de ruimte voor chauffeurs en het rijgedrag van de truck gunstige beoordelingen.”

Hoe stippelt DAF zijn toekomst uit?

Marc Beets: “DAF zal blijven vernieuwen om op het gebied van efficiency en chauffeurscomfort toonaangevend te blijven. Met Euro 6 is iedereen wel tot de conclusie gekomen dat de uitstoot op het gebied van stikstofoxiden en roetdeeltjes nauwelijks nog lager kan. Het accent zal nog meer naar CO2 verschuiven, waarvan de uitstoot linea recta gekoppeld is aan het brandstofverbruik. Meteen een reden waarom daarvoor ook geen extra wetgeving noodzakelijk is. Tenslotte eisen onze klanten het laagst mogelijke brandstofverbruik, wat voor ons een van onze belangrijkste drijfveren is bij de ontwikkeling van trucks.

We blijven dus werken aan het steeds verder verlagen van het brandstofverbruik. Hierbij kijken we ook naar bijvoorbeeld hybride-technologie en autonoom rijdende trucks, ook wel truck-platooning genoemd. Daarmee hebben we samen met het Nederlandse onderzoekscentrum TNO onlangs een eerste demonstratie gegeven. Over 5 jaar zouden de eerste autonoom rijdende trucks op de weg kunnen komen, mits ook het wettelijke kader dan klaar is.”

R&D zit bij jullie zusterplant in Eindhoven. Hoe werken jullie samen?

Marc Beets: “De ontwikkelingsafdeling in Eindhoven staat in nauw contact met onze proces ingenieurs. Ze werken samen om niet alleen innovatieve zaken te ontwikkelen, maar er meteen ook voor te zorgen dat ze in serieproductie te realiseren zijn. R&D en onze fabrieken bouwen gelijk het product op.

Daar is het vooral onze uitdaging om het productieproces tegen een zo hoog mogelijke kwaliteit en zo laag mogelijke kost te realiseren. Dit kan deels door automatisering, maar enkel als het zinvol is. Zo worden robots vooral ingezet bij repetitief werk en waar ergonomie niet optimaal is.”

Innovatie wordt ook in HR doorgetrokken. Hoe evolueert jullie bedrijfscultuur?

Marc Beets: “Binnen het PPS, het PACCAR Production System, gaat het om continu verbeteren. En belangrijk is dat de operators daarbij centraal staan. Zij zijn in hun domein de specialisten, en kunnen ons dan ook adviseren hoe het nog beter kan. Samen maken we de beste trucks ooit en daar zij we gezamenlijk erg trots op!

We investeren fors in opleidingsprogramma’s voor onze operators, tussen 6 en 8 miljoen over afgelopen 3 jaar. Zo laten we de operators nu werken op een hoger niveau. Ze voeren meer intellectuele arbeid uit rond machines onderhouden, het aansturen en verbeteren ervan. De respons hierop is groot. Heel veel medewerkers stellen zich kandidaten voor ons aanbod.”